Zonnepanelen en de opstalverzekering

Veel corporaties krijgen berichten van (intermediairs voor) verzekeraars rond zonnepanelen. Wat is er precies aan de hand?

Algemene discussie rond brandveiligheid

In “zonne-energieland” woedt een discussie, waarbij men kort en goed stelt dat zonnepanelen vooral bij bedrijfsdaken met een brandbare dakbedekking een probleem zijn. Daar zijn de aantallen panelen groter en daarmee de kans dat het misgaat, en ook de mogelijke schade van een brand: een heel bedrijf kan afbranden. Bij corporatie-daken is het brandrisico en het financiële risico bij brand in de regel veel kleiner. Lees bijvoorbeeld dit interview met verzekeraar Achmea.

Zonnepanelen leiden niet tot hogere verzekeringskosten, maar de zonnepanelen ZELF verzekeren kost wel extra

Mijn ervaring is dat de vraag aan de verzekeraar “kunnen we zonnepanelen op ons pand plaatsen?” nog wel eens wordt verward met de vraag “kan de verzekeraar onze zonnepanelen aanvullend verzekeren?”. In algemeenheid adviseer ik geen aanvullende verzekering voor de zonnepanelen af te sluiten bij de verzekeraar, gezien dat:

  • veel schade gedekt wordt vanuit de productgaranties van de panelen, de omvormer, constructie, de aansprakelijkheidsverzekering van de leverancier of een onderhoudscontract.
  • wat dan overblijft (molest, grote hagelstenen, afbranden van het gehele gebouw en dus ook verlies van de panelen) weinig voorkomt
  • de kosten vaak relatief hoog zijn.

Zonnepanelen plaatsen is standaard toegestaan, maar verzekeraars zullen strenger worden en geen risicovolle situaties willen

Corporaties hadden in de basis vanuit de opstalverzekering het recht om opstallen zoals zonnepanelen te plaatsen op hun panden. De panelen hoefen ook niet te worden aangemeld bij de verzekeraar, en als het pand afbrandt keert de verzekeraar nog steeds uit.

Wel zien we hier de laatste jaren beweging in:

-Enkele verzekeraars maken voorbehouden, met name rond zonnepanelen op platte daken van hout/staal i.c.m. brandbare isolatie, in-dak-systemen, zonnepanelen op gevels en accusystemen.  Bij deze niet mainstreamtechnieken is het brandrisico gewoon groter; van in-daksystemen is dat ook in de praktijk gebleken. Daarmee snap ik wel dat verzekeraars dat niet zonder meer toestaan. Ik zie ook veel opdrachtgevers op dit punt uit zichzelf al keuzes maken.

-Er gaan documenten rond van adviesbureaus zoals deze van Burghgraef & van Tiel van februari 2020 **. De brandweer heeft natuurlijk ook een opvatting over deze materie. Op 18 maart 2021 publiceerde men een handreiking. Partijen zoeken aansluiting bij eerdere bevindingen van TNO over in-dak-systemen en connectoren enerzijds, en de scope12-regeling anderzijds. Vaak zijn dit zaken die heel logisch zijn: installatie volgens de nen-normen, zorgvuldig werken, controle van de oplevering door onafhankelijke experts, … De vraag is vervolgens welke status die stukken hebben. Een vooraanstaand verzekeringsconsultant noemt het “dringende acceptatiecriteria”. Zoals ik het begrijp kan je problemen krijgen met de acceptatie als je hier niet aan voldoet. Of dit dan de geest of de letter betreft, en wat je moet met continue wisselende inzichten aan de kant van (verschillende) verzekeraars… Het is lastige materie!

-Het lijkt me niet raar als een aantal van die voorschriften uiteindelijk in de polis komen. Een corporatie die zijn inkoopafspraken op orde heeft, heeft dat soort zaken al besproken met haar installateurs. De discussie ontstaat vaak over periodieke controle, bij oplevering op termijn. Vragen als:

—wie (de installateur, een onafhankelijke in opdracht van de installateur, een onafhankelijke in opdracht van de opdrachtgever)

—hoe vaak is dit nodig als alle installaties op afstand worden uitgelezen

—wat kan je op afstand zien en wat niet? Hoe vaak, welk deel van de woningen en waarop zou je dan moeten controleren?

-Bij investeringen door derden (externe investeerder, coöperatie, …) is van belang heldere afspraken te maken over wie welke risico’s heeft, en hoe die partijen verzekerd zijn. Denk bijvoorbeeld aan een recht van opstal.

Wat nu te doen?

Geconfronteerd met vermeende kostenverhogingen of onhaalbare installatie-voorschriften / acceptatiecriteria? Stel altijd twee vragen:

1. installatievoorschriften: doen/deden we hetgeen gevraagd wordt al?

  • Zo ja, hebben we dat ook gedocumenteerd, en kunnen we dat dus delen met de verzekeraar (hier wordt ook vaak om gevraagd)?
  • Zo nee, waarom niet? Hebben we de risico’s voldoende in beeld / beheerst / …? Kunnen we hierover het gesprek aangaan met onze installateur en de verzekeraar? Of komen we “tussen twee vuren in te zitten”?

2. vermeende verboden of kostenverhogingen: wat staat er in de polis rond zonnepanelen, en:

  • sinds wanneer?
  • voor welke installaties geldt dit?
  • geldt het dan voor nieuwe installaties of ook voor bestaande installaties?
  • gaat het om de opstalverzekering zelf (het risico dat het pand bv afbrandt), of om een (vaak optionele) verzekering om de kosten van verlies van zonnepanelen mee te verzekeren?
  • is er een minimum aantal panelen dat per pand mag worden toegepast? Is er een relatie met de onderliggende dakbedekking, het type toegepaste omvormers, het type bezit (huur/zorg/vve/anders) , … (oftewel een risico-inschatting / installatievoorwaarden waarbinnen je onder die kosten uit kunt komen)?

Bent u een verzekeraar/verzekeringsagent en hebt u een inhoudelijke toevoeging? Ik hou me aanbevolen.

** Zowel van Burghgraef en van Tiel, als van andere inspectiebureaus en verzekeraars of -intermediairs gaan actuelere inspectielijsten/adviezen/voorschriften/eisen rond in de markt. Ik heb gevraagd of ik er 2 op deze website mocht plaatsen, maar dit is door partijen niet toegestaan.

Disclaimer: aan dit bericht zijn geen rechten te ontlenen. Dit is geen verzekeringsadvies, ik ben geen verzekeringsadviseur -laat u goed voorlichten door iemand die dat wel is.